De processen buitenom en hexade
1. Inleiding
In dit hoofdstuk geven wij een beschrijving van de samenloop van
materiële processen én van mentale processen, zoals die aan de hand van
het enneagram kunnen worden beschreven. Het doel is om inzichtelijk te
maken dat elk proces in de werkelijkheid, dat wil zeggen in zijn
realisatie van idee tot materie in wezen heel ordelijk is. Het laat zien
dat het overslaan van stappen in dit proces kan leiden tot chaos en
maakt daarmee tevens duidelijk op welke wijze een analyse van een
procesfout kan worden aangepakt.
1.2 Gebeurtenissen en de mentale volgorde
De beschrijving van de buitenkant van het enneagram is die van de
volgorde van gebeurtenissen. Dit is een proces dat in wezen autonoom is.
Als het eenmaal begint, dan loopt het ook zo af. In het voorbeeld van
het restaurant dat wij straks analyseren is het gaan eten in het
restaurant in zijn afloop het nuttigen van een lekker diner in een
gezellige omgeving. Maar zo gaat het natuurlijk niet altijd. Onderweg
kan er van alles misgaan, maar elk ding dat misgaat heeft een eigen
proces tot gevolg dat weer autonoom altijd zo afloopt. Wij bedoelen te
zeggen dat daarin geen keuzen of contingenties zitten.
De betekenis hiervan is dat het enneagram ons hier laat zien dat de
idee van een “doener”, de mens als causale oorsprong een fictie is. Wie
in een restaurant gaat eten brengt een proces op gang, wat er ook
gebeurt en hoe het ook gaat, waarin van een autonome doener die causale
effecten veroorzaakt geen sprake is.
Dit is anders in de hexade. Hierin zit, zoals wij zagen, een
overzicht van het denkproces van de stappen die nodig zijn om het proces
te laten lopen. Als er wat mis gaat is het hier. Het waarom hiervan
lichten wij aan het einde van dit hoofdstuk toe.
2.1. De beschrijving van het materiële proces
Als voorbeeld voor het proces in de materiële vorm nemen wij het
kookproces. U kunt zich hierbij een restaurant voorstellen. Het
restaurant ís. Het is in tijdloze rust en zit te wachten op de
bestelling.
Op 1 is de keuken. Deze is instrumenteel. Hier zijn gereedschappen en
vaardigheden. Het is concreet en zakelijk. De keuken staat klaar om aan
het werk te gaan.
Op 1.5 komt de opdracht binnen, de bestelling van de klant. Dit is in
de werkelijkheid een vertragingspunt, er moet namelijk naar gekeken
worden wat het is en het hele proces moet daarop worden toegesneden. Het
eerste dat aan de orde is, is dus de vraag of de keuken geëquipeerd is
voor de gestelde vraag. Deze vraag van de klant is belangrijker dan wat
ook. Daaraan geen aandacht besteden of erover heen lezen is dodelijk
voor het hele proces. Het bekijken van de order levert in eerste
instantie dus een vertraging op. De kok kijkt of wat hij heeft aan
instrumentarium voldoende is om later aan de vraag te voldoen. Een
gebrek aan instrumenten is dus al net zo erg als aan de vraag geen of
onvoldoende aandacht besteden.
Op 2 is verbinding. Dat gaat dus over mensen en relaties,
samenwerking en betrokkenheid. Zonder participatie en verbinding komt er
niets tot stand. De kok gaat kijken of hij naast het instrumentarium
ook de mensen heeft en de chemie om de verbinding te maken tussen mensen
en later de maaltijd als die klaar is.
Op 3 is hier het eerste punt met energie van buiten. De 3 hoort tot
de primordiale punten met een imprint in dit proces. Zowel de 3, 6 en 9,
als de 4.5 en 7.5 geven imprints die niet in de keuken zelf zitten.
Hier op 3 moet de drive erin komen. Hier kan worden gedacht aan
informatie, of in het kookproces de voeding. Die komt van buitenaf.
Voeding is ook informatie.
Op 4 is er weer een aardepunt. Hier vindt het klaarmaken van de
maaltijd plaats. Alle ingrediënten moeten er zijn (op 3 binnengekomen).
De maaltijd is in zijn eerste stadium van voorbereiding klaar. Maar het
is allemaal nog rauw. Het is nog onvervormd en de afzonderlijke delen
zijn nog steeds in zekere zin in originele staat. De biefstuk is nog
geheel rood en de aardappels ongaar. Deze fase is dus eigenlijk pas de
voorbereiding voor de transformatie. De maaltijd in zijn ruwe vorm
klaargemaakt om later zijn echte identiteit te krijgen. Daarbij wordt de
identiteit wel voorbereid.
Op 4.5 vindt dan de transformatie plaats Hier komt er weer iets van
buiten, namelijk het vuur. Daardoor wordt het proces onomkeerbaar
gemaakt. De verschillende onderdelen kunnen niet meer worden
teruggebracht naar hun oorspronkelijke staat.
Op 5 is het eten klaar, het is getransformeerd in iets nieuws. Hier
heeft zijn identiteit als maaltijd gekregen. Als de maaltijd uit
verschillende onderdelen bestaat hebben deze elk afzonderlijk een
identiteit. De soep is echt soep geworden, het hoofdgerecht is wat het
moet worden en het dessert is echt dessert geworden. Hier wordt ook door
de kok gekeken of het allemaal juist is geschied. Is de soep ook
werkelijk soep, of is het iets anders? Als het allemaal is goedgekeurd,
dus de identiteit heeft die het moet hebben, dan pas gaat het proces
verder.
Op 6 is weer een punt van buiten. Dat kan worden weergegeven met het
luiden van de bel, of de mededeling dat het klaar is, of in het
restaurant het signaal aan de ober. Het is de uitnodiging aan de eters.
In het restaurant zitten de eters klaar om hun maaltijd te krijgen. Op 6
is het ook de markt die wil afnemen en waar moet blijken of er afnemers
zijn. Als de eters in het restaurant er nog zitten, dan zijn ze
afnemers, maar als het bijvoorbeeld allemaal te lang geduurd heeft kan
het zijn dat ze er niet meer zijn, dan is de markt dus weg en alle werk
voor niets geweest. Punt 6 is ook de markt in bredere zin. Er wordt als
het ware bericht dat het product er is. De markt neemt er kennis van en
kan net als bij een maaltijd aanschuiven. Is er geen markt voor het
product, zijn er geen eters, dan blijkt dat hier al.
Op 7 wordt er opgediend. Dan laat je zien wat je hebt gemaakt. Het is
presentatie. Dit punt 7 is een belangrijk punt omdat het samenvalt met
het einde van de hexade, eveneens in punt 7. Voor de kok is in wezen dit
punt 7 het punt waar alles eindigt. Hij heeft zijn werk gedaan en de
keuken is weer in ruststand. Voor het proces van de maaltijd is het
echter nog niet afgelopen. Op 7 wordt opgediend, het resultaat komt naar
buiten, het wordt aangeboden aan de afnemers
Als een product wordt vermarkt is punt 7 ook het einde van de
bemoeienis van de producent. Hij heeft op 6 bekend gemaakt dat het
product er is en op 7 wordt het “opgediend”, er wordt reclame gemaakt,
het wordt getoond. Maar op dat moment is het uit handen van de kok en
van de producent.
Op 7.5 wordt het signaal gegeven om te beginnen. Dit kan worden
vergeleken met bidden voor het eten of gewoon de spreuk: “Eet
smakelijk”. Ook dit punt is wezenlijk voor het proces. Er wordt maar
niet zo aangevallen op de maaltijd. Het signaal van: “Eet smakelijk”, is
de versneller voor het proces waar het eigenlijk allemaal om gaat. Bij
het productieproces kan dit worden vergeleken met de koopbeslissing voor
de aankoop van het product.
Op 8 is het eten. De maaltijd wordt geconsumeerd. Het wordt “bezeten”
door de bezitter, de eter, of wie het product gekocht heeft. Op 8 zit
het punt van bezitten, het in beslag nemen. Hier blijkt of de kok
competent was. Heeft hij de maaltijd gemaakt zoals die werkelijk gemaakt
moest worden en zoals die op 4 was voorbereid? Bij het product in het
algemeen is het gebruik dat bepaald of het hele proces uiteindelijk aan
zijn bedoeling heeft beantwoord.
Op punt 9 is alles weer gereed en zijn in de keuken alle
mogelijkheden open om een nieuwe ronde in te gaan.
Op elk punt van de cirkel gebeurt dus iets. Op deze wijze is elk punt
een monade en staan zij los van elkaar. Maar los van elkaar heeft het
geen betekenis en geen richting. Pas als geheel is het een proces, zoals
in dit voorbeeld een kookproces, maar dit voorbeeld kan ook zo
toegepast worden op het bouwen van een huis of het schrijven van een
boek.
3.1. De koppeling naar de denkprocessen in de hexade
Deze beschrijving was een beschrijving van het fysieke proces en
daarmee een ontleding van het fysieke proces. Dit proces heeft behalve
een fysieke kant ook een mentale zijde. Dit ligt voor de hand en hoe
deze werkt, wordt zichtbaar gemaakt aan de hand van de lijnen in de
hexade. Hier vindt de mentale ontleding van het proces plaats. Zonder
deze is het fysieke proces in wezen gedoemd tot mislukking. Het fysieke
en het mentale proces zijn op elkaar betrokken, maar wellicht op een
andere manier dat ogenschijnlijk lijkt.
Om de verbinding te maken geven wij eerst een meer algemene uitleg
van de hexade.
3.2. De Hexade
De hexade in het enneagram die normaal met rust- en stresspunten
wordt aangeduid loopt als volgt: 1-4-2-8-5-7. Voor de goede orde merken
wij op dat deze hexade geen procesbeschrijving is, maar een denklijn.
Hij werkt dan ook anders dan het fysieke proces zoals in paragraaf 2
beschreven. De volgorde van de hexade ontstaat door elk cijfer tussen 1
en 9 (behalve 7 zelf natuurlijk) te delen door 7. Altijd ontstaat een
cijferreeks waarin deze sequentie voorkomt. Met deze sequentie kan als
het ware vooruitgekeken en achteruitgekeken worden.
 In het denken in het enneagram begint de hexade op 7.
Punt 7 staat, zoals reeds is gezegd uit het intuïtieve, het maken van
plannen, het is ook meer abstract Gods Plan. Vanuit het plan gaat het
denken naar de middelen en de regels (1) wat er bereikt moet worden (4),
met wie je dat doet (2), wat er dan neergezet wordt (8) en of het juist
is en identiteit heeft (5). Vandaar vindt spiegeling aan het plan
plaats (7), waarna in een volgende ronde kan worden bijgestuurd.
De sequentie Van het plan op 7 naar de regels op 1 is een stresslijn.
Het kost moeite om van het één naar het ander te komen. Maar andersom
is het gemakkelijk, dan is het een lijn van rust. Dit geldt voor de hele
hexade: van 7>1>4>2>8>5>7>1 kost veel inspanning.
De route terug: 1>7>5>8>2>4>1>7 kost geen
inspanning. Het waarom hiervan, met voorbeelden, komt hierna uitgebreid
aan de orde.
De sequentie wordt vanuit de kritiek op het enneagram wel gezien als
een vorm van willekeurigheid of op zijn hoogst coïncidentie waar veel
meer betekenis aan wordt gehecht dan gerechtvaardigd is. Wat de
sequentie doet is een wiskundige beschrijving geven van de processen van
het denken. Het denken voltrekt is in deze sequentie zowel voor het
kookproces, het bouwen van een huis, het maken van een boek als het
schrijven van een wetenschappelijk artikel of deze tekst.
Wij gebruiken hier voor de vooruitgaande sequentie weer het voorbeeld
van het kookproces. Op 1 is het instrumentele. Maar om te zien of het
instrumentarium voldoende is moet men eerst kijken naar 4, het bereiden
van datgene wat is/wordt ingekocht als materiaal. Is het instrumentarium
geschikt en zijn er voldoende instrumenten? In dit geval wordt dus 2
stappen vooruit gekeken. Op 1 in de keuken kijkt men naar 4, de
bereiding, wat er nodig is om te kunnen bereiden.
Als u kijkt naar wat er gebeurt ziet u dat om van 1
naar 2 via de buitenkant in de binnenkant te gaan de paden 1-4 en 4-2
moeten worden overzien.
En om van 2 naar 4, nog steeds vooruitkijkend, te gaan
via de buitenkant, dat wil zeggen dat men met het instrumentarium en de
mensen aan de slag gaat, moet men de gehele binnenkant, namelijk
2-8-5-7-1-4 lopen. Het gehele proces moet dus als het ware worden
voorzien en overzien worden voordat er ook maar één vinger in de
bereiding is uitgestoken.
Dat wil zeggen dat de kok op 2 om te komen op het voorbereiden op 4
het gehele verdere proces al moet overzien. Hij moet weten wat hij wil
laten eten op 8, hoe het moet worden op 5 en hoe het opgediend moet
worden op 7. De processen van het idee de maaltijd zelf op 3 en voor wie
het wordt gedaan op 6 lopen daaraan parallel. Hiermee wordt ook
duidelijk dat hij het moment van de omvorming op 4.5 met zorg moet
kiezen. Hij mag er niet te laat en ook niet te vroeg mee beginnen. Niet
alleen de volgorde van het proces, maar ook de tijd vindt hierin een
plaats. Dat is natuurlijk niet altijd zo, maar als er een limiet is
geldt dit altijd. Voor een metselaar is het belangrijk de cement op het
goede moment de mengen om te kunnen metselen, is hij te vroeg voordat er
stenen zijn, dan droogt het uit en is hij te laat dan stagneert het
hele proces. De techniek van mean en lean produceren is gebaseerd op
deze gang van zaken. Het stuurprincipe voor dit hele proces zit op het
punt 4.5. Dat punt is het centrum van waaruit de kok kijkt naar zijn
gehele proces in zijn tijdvolgorde van het behandelen van de andere
punten. Als u nu nog eens naar de driehoek 4.5-1.5-7.5 kijkt zult u zien
dat de centrale punten van het proces dus de 1.5 zijn, de vertraging
bij het binnenkomen van de bestelling en het opdienen, op 7.5 waarna op 8
het eten zelf plaats vindt. Deze 2 punten worden gestuurd vanuit de
4.5. Dit is het moment van de definitieve keuze om de essentiële
transformatie in gang te zetten. In paragraag 1.2 meldden wij al dat het
proces buitenom, het proces van de materiële voortgang heel anders is
dan dat van de hexade. Na de uitleg die wij hierboven hebben geven
blijkt dat vanuit elk punt op de hexade een beslissing kan worden
genomen, of een gebeurtenis kan plaats vinden die het proces verandert
op zo’n manier dat het een ander proces wordt, dat echter weer zijn
eigen autonome afloop heeft. Bijvoorbeeld kan in het kookproces bij het
vooruitzien in de hexade op punt 5 blijken dat de identiteit van de
maaltijd, datgene wat is klaargemaakt niet het juiste is dat blijkens de
bestelling klaargemaakt had moeten worden. Wat daarmee zichtbaar wordt
is dat ergens in de keten van het kookproces op een input punt, in dit
geval op punt 3 in het kookproces niet de juiste ingrediënten zijn
gebruikt, hetgeen is verzuimd om af te checken op punt 4, de bereiding.
Het laat zien dat als er op punt 3 ingrediënten in het proces worden
ingevoerd het kookproces als proces gewoon zijn gang gaat, maar dat wat
er uit het proces komt toch niet is wat er bedoeld was te maken. Kortom,
dit geeft reliëf aan onze mening dat het proces autonoom is, gewoon
zijn gang gaat.
4. Het denken in processen of in tegenstellingen.
De terugkijkende sequentie heeft zijn eigen werking. De
ontspanningssequentie is dus 7>5>8>2>4>1>7 et cetera.
In de hierna volgende uitleg over de beide processen die uit de
sequenties volgen maken wij duidelijk hoe spanning en ontspanning elk
onmisbaar zijn in elk proces.
Wij mensen zijn in beginsel geneigd om in tegenstellingen te denken.
Dit is het meest eenvoudige denken. Daarin staat wit tegenover zwart,
dag tegenover nacht en winst tegenover verlies. Dit laatste voorbeeld
maakt al duidelijk dat denken in tegenstellingen te eenvoudig is. Als er
iemand winst maakt, betekent dat niet dat de ander verlies heeft.
Denken in termen van winst en verlies is polair denken.
Het denken in termen van winst en verlies is wat in het recht van
oudsher dominant is. Als u voor de rechtbank wint, dan verliest de
andere partij. Moderne vormen van conflictbeslechting gaan dan ook niet
meer uit van dit eenvoudige polaire denken. In mediation wordt niet
polair gedacht, maar in drieën. Het is geen denken in of/of, maar in
en/en. Zo is het ook in het enneagram.
De punten van het enneagram zijn dus monaden, punten die los van
elkaar kunnen bestaan. In die zin zijn het individuele punten. Als er
een verbinding ontstaat tussen 2 punten of tussen 2 individuen, dan
gebeurt er wat. Er komt iets bij. Wij zijn geneigd om te denken dat het
dan aan het ene of het andere ligt, of aan de een of de ander, maar wat
er echt gebeurt is dat de verbinding iets toevoegt. Op die manier is 1 +
1 meer dan 2. Er is iets extra’s, namelijk het pad. Wat er hierna
plaats vindt is dat men uit het polaire denken, ik of de ander, stapt
naar het denken in en/en, ik én de ander, die samen méér zijn dat de
beide ikken afzonderlijk.
Dit denken bestaat natuurlijk al veel langer. Het triniteitsdenken
ziet alles in vormen van 3. Dit is in wezen het christelijke denken dat
gestalte krijgt in de figuur van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
In de Davidsster bestaat het in 2 driehoeken.
In het enneagram wordt gedacht met in beginsel 3 driehoeken. Er zal
echter later nog blijken dat in dit model nog veel meer driehoeken
mogelijk zijn. Maar hier houden wij het eenvoudig.
Het is, het is al eerder gezegd, ook mogelijk om in meer dan 3 vormen
of dimensies te denken. De astrologie denkt in 4 vormen en een verdere
vorm is die van het pentagram, het denken in vormen van 5 (dimensies).
Daarboven wordt het voor ons niet meer voorstelbaar.
Wij merken nog op dat de modernste natuurkunde meer dimensies
postuleert, waarmee de werkelijkheid begrijpelijk gemaakt kan worden.
Voor wat wij in het hier en nu doen is het denken in drieën al moeilijk
genoeg.
Het enneagram denkt dus in drieën. Wij hebben van de mogelijke
driehoeken in het enneagram de driehoeken 9-3-6 en 4.5-7.5-1.5 al
behandeld.
De driehoek 9-3-6 is de oorsprong.
De driehoeken 9-3-6 en 4.5-1.5-7.5 vormen samen een Davidsster.
De 4.5, dus het punt tussen 4 en 5 vormt hierbij het element van
energie.
De 1.5, het punt tussen 1 en 2 is het element van tijd en de 7.5,
tussen 7 en 8 is het element van de ruimte.
Over de deze 2 driehoeken hebben we het in de inleiding al uitgebreid
gehad.
Daarna, zoals we hebben gezien, ontstaat pas de rest van het
Enneagram.
Einde document
|