Artikel : Een Autopoietisch Conflict Model
Nog een laag verder

Dit is de aanzet tot een observatie die nog een andere ingang tot het interne conflict bloot legt. In het voorbeeld van de vader met kinderen in de metro zal ieder die de vader hoort bewogen zijn en hulp willen aanbieden. Stel dat u bij het incident met de auto van de ander zou te weten komen dat de ander met zijn hoogzwangere vrouw, die op het punt van bevallen staat, op weg is naar het ziekenhuis. U zou, indien u niet was gesneden bij de afrit, de neiging krijgen om voor hem uit te rijden om de weg vrij te maken. Dit is met vele voorbeelden aan te vullen waarvan de bottom-line is dat als ons om hulp wordt gevraagd wij die bijna altijd als vanzelf geven, en als de omstandigheden er naar zijn, zijn we bijna automatisch geneigd om zelf hulp aan te bieden. Maar dat wordt ineens anders als wij met de betreffende ander in conflict zijn, of beter gezegd als wij ons eigen interne conflict op de ander projecteren. Deze observatie lijkt contradictoir. Als ons hulp gevraagd wordt, of als er een situatie is die onze hulp nodig maakt, geven we die over het algemeen belangeloos, zelfs ongevraagd als uit innerlijke noodzaak, maar op het moment dat de ander, degene die vraagt, of die duidelijk hulp nodig heeft, in ons een conflict getriggerd heeft, vermindert de neiging om hulp te geven enorm. Dit heeft echter wel een gevolg en dat is dat we ons zullen gaan verdedigen en dat luidt over het algemeen: ja, maar ….. en dan komt een reden waarom u de ander niet heeft geholpen. Waarom zou u zich verdedigen voor iets niet doen? Dat doet u alleen als u weet dat u wel iets zou moeten doen. Kennelijk zit in ons mensen een soort instinctief besef dat wij de ander in nood of op diens verzoek moeten helpen. Het veronachtzamen van dat instinctieve besef leidt tot een eigen interne dissonantie die zich uit in de vorm van een verdediging.

Ik meen dat dit instinctieve besef zich cultureel uit in de zogenoemde Gulden Regel en biologisch bewezen wordt door onder andere het onderzoek van de Nederlandse etholoog Frans de Waal. De Gulden Regel heeft twee vormen. De meest bekende is: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook aan een ander niet.” Dit is de zogenoemde negatieve Gulden Regel. De tweede vorm is de positieve Gulden Regel: “Doe aan anderen wat u aan uzelf zelf graag gedaan zou zien.” Deze vorm is minder bekend, maar niet minder belangrijk. De Gulden Regel is trans- en supracultureel en komt in alle culturen, wijsheidsleren en religies voor.[22] Ik denk dat dat het deze regel is die in voorkomend geval een dwingend appel op ons doet, als het ware een imperatief [23] kader geeft en dat het veronachtzamen van dit appel een belangrijke rol speelt in het conflict.
De Nederlandse etholoog Frans de Waal komt in zijn onderzoek naar het gedrag van primaten tot de conclusie dat de eerste neiging is om samen te werken. [24] Anders dan vaak gedacht in de onjuiste populaire weergave van het adagium van de survival of de fittest, is het niet de sterkste die overleeft, maar degene(n) die het situationeel best aangepaste gedrag vertoont, en dat is samenwerking en vrijgevigheid. We zien dit in mierenhopen met een grote differentiatie van rollen van de verschillende individuen, maar ook in menselijke samenlevingen. [25] Zonder samenwerking zouden wij mensen als soort het nooit hebben overleefd. Na te laten om hulp te bieden wordt ook in ons strafrecht serieus genomen. [26]

Zoals gezegd, in het voorbeeld in de metro zal ieder weldenkend mens, horend wat de vader zegt, hulp willen aanbieden, compassie tonen of wat dan ook, kortom iets doen. Het kan zijn dat u het als uw plicht ziet, [27] maar meestal komt zoiets volkomen spontaan en zo zitten wij mensen gelukkig ook in elkaar.

Ik meen dus dat de Gulden Regel de weergave is van een diep verankerde menselijke behoefte en een dwingend appel doet op ons [28] en niet ongestraft kan worden overtreden. Dan ontstaat in de persoon een dissonantie die vraagt om compensatie. Hoe groter de dissonantie is, des te luider de rechtvaardiging, die er op neer komt dat de ander het eigenlijk niet waard is om geholpen te worden, vanwege zijn (vermeende) slechtheid en dat toch eigenlijk niets anders gedaan kan worden dan hem niet te helpen.

Het kan echter ook gebeuren dat er anderen zijn, gerelateerd aan de wederpartij of de persoon zelf. Als voorbeeld noem ik de kinderen in een echtscheiding, maar het geldt ook voor collega’s op de werkvloer. Zij zijn geen partij in het conflict maar worden wel met de gevolgen geconfronteerd. Ten aanzien van deze derden in het conflict wordt vaak niet alleen de positieve Gulden Regel veronachtzaamd, maar ook de negatieve Gulden Regel. Als de kinderen in een echtscheiding speelbal worden van het conflict tussen de ouders worden hun belangen ernstig veronachtzaamd en zij zijn ook vaak de echte slachtoffers van het conflict. De partij die dit doet, of mogelijk beide partijen tegelijk, weten dit onbewust en dit levert een extra vergroting van de interne dissonantie op die ook weer moet worden gecompenseerd. Idealiter zou dit natuurlijk gedaan moeten worden door de kinderen buiten het conflict te laten, maar de blindheid van de partijen in het conflict lijkt dit niet meer mogelijk te maken. De compensatie geschiedt dan door het conflict naar de wederpartij te vergroten om zo als het ware een balans te krijgen. De wederpartij wordt extra zwart gemaakt, negatief afgeschilderd, soms tot onmens gemaakt, om te rechtvaardigen dat een dwingend appel van deze derden, de kinderen die er niets mee te maken hebben en dus feitelijk slachtoffer kunnen worden, kan worden genegeerd.

Enigszins schematisch kan worden gezegd dat de partijen in het conflict 1e orde betrokkenen zijn en dat zijdelingse derden, zoals kinderen en collega’s op deze wijze 2e orde betrokkenen zijn. Als er 2e orde betrokkenen zijn wordt het conflict gevaarlijk omdat dan zelfs eerder destructie of zelfdestructie dreigt. [29]

Zoals al aangeduid, naast het voorbeeld van kinderen in een echtscheiding, waar dit mechanisme heel erg duidelijk is, komt het overal voor, in werksituaties, in sociale verbanden zoals verenigingen en dergelijke. Wat daarbij veel gebeurt is dat medestanders worden gezocht. Deze medestanders hebben geen andere functie dan de interne dissonantie van een partij in het conflict te verzachten door het er mee eens te zijn. Dit zoeken van medestanders is een groot gevaar en daarmee kan de hele omgeving geïnfecteerd en ook verziekt worden. [30]
En daarmee ben ik terug bij de eerder genoemde menselijke gebreken. Als de ander immers zo slecht is dat hij niet geholpen behoeft te worden, is dat niets anders dan het adverteren van de eigen (vermeende) meerderwaardigheid en het eigen (vermeende) gelijk. Als zelfs derden (die part nog deel hebben aan het conflict) als 2e orde betrokkenen hieraan opgeofferd worden is het zicht op het eigen functioneren compleet uit beeld.

Mijn observatie is dat wij de neiging hebben hulp te bieden, spontaan en dat deze neiging in conflict ernstig erodeert, maar dat de prijs die daarvoor moet worden betaald is dat het conflict intern erdoor zo wordt verhevigd dat de projectie, indien u het mechanisme kent, u onomstotelijk in het gezicht staart. En daarmee is het dus een uiterst werkzaam hulpmiddel geworden om te herkennen hoe het mechanisme van het interne conflict werkt. Uzelf proberen te rechtvaardigen voor uw gedrag is het zekere signaal dat u de imperatief van de Gulden Regel hebt veronachtzaamd.
De Gulden Regel, dus het trans- en supra-cultureel gebod, inhoudend dat men aan anderen moet doen wat men zichzelf gedaan zou willen zien en aan ander niet moet doen wat men zichzelf niet aangedaan wenst, niet gehoorzamen laat ons heel duidelijk zien dat wij op de foute weg zitten.

Ieder mens heeft in het conflict op elk moment de keuze om uit zijn interne conflict te stappen. In alle voorbeelden die zijn gegeven kan op elk moment het besef doorbreken dat het zo niet hoeft te gaan en dat er altijd een weg terug is of een oplossing. Ook hier hoeft het niet te betekenen dat u het daarna met de ander geheel eens bent. De loskoppeling van de emotionele reactie van de inhoudelijke reactie is echter vaak zo moeilijk dat het er gewoon niet van komt. Het gehele mechanisme is niet bewust en vaak is er ook geen tijd voor, of althans die wordt er niet voor gemaakt. Het is, zo blijkt in de praktijk, niet zo makkelijk tot de rotsvaste overtuiging te komen dat die keuze er inderdaad is. Het is mogelijk, hoe moeilijk het soms lijkt. Dit is alleen een keuze die u, letterlijk, moet maken. [31]

Lees verder…